Stop
maar, het gaat niet Dolgraag
willen vrijen met je vriend, maar het niet kunnen omdat je lichaam niet
meewerkt. Karin (26) weet er alles van. Jarenlang kon ze geen seks hebben
omdat ze vaginisme had. "Afgelopen weekend is het dan eindelijk gebeurd… Ik
heb met Marco kunnen vrijen! Het was zondagmorgen, we lagen in bed, we
waren lekker aan het knuffelen. Het was helemaal het juiste moment. Ik was
opgewonden en zó nieuwsgierig. Eigenlijk mocht het nog helemaal niet van
mijn gynaecoloog, de huid van mijn vagina is nog onvoldoende genezen, maar
ik kon gewoon niet wachten. Ik wilde het zo graag proberen, weten of het
nu wel goed ging. Marco wist niet wat hem overkwam. Hij vroeg: ‘Weet je
het zeker, zullen we het echt wel doen?’ Ik wist dat hij meteen zou
stoppen als het niet zou
lukken. Echt ervan kunnen genieten, heb ik nog niet hoor. Ik was meer
bezig met ontspannen, met het loslaten van mijn spieren, dan met het
vrijen zelf. Maar Marco kon bij me naar binnen en het deed geen pijn. Dat
was al heel wat. Na afloop had k een ontzettende huilbui. Van geluk, van
blijdschap. Echt een ontlading. Al het verdriet van al die jaren dat ik
niet kon vrijen, kwam eruit. Marco was heel lief. Hij dacht dat hij me
toch pijn had gedaan. Hij was zo blij toen ik vertelde dat dat niet zo
was. De dagen daarna waren we enorm verliefd. Ik kon de hele wereld aan.
Het voelde als een overwinning. Wat was ik trots op mezelf.” Karin ontdekte dat ze niet kon vrijen toen ze op haar
achttiende voor het eerst met een jongen naar bed ging. Het lukte niet, de
penis van haar vriend ‘paste’ niet. Ook was de huid aan de binnenkant
van haar vagina al een paar jaar rood en branderig. Karin: “Ik kon er
niet met mijn vingers aankomen, dat gaf een heel onprettig gevoel. Tampons
gebruikte ik om die reden niet. Maar daar lag ik niet wakker van,
maandverband was ook prima. Ik had nog niet echt in de gaten dat er echt
iets mis was. Ook niet toen mijn vriendje in mijn probeerde te komen. Dat
was ontzettend pijnlijk. Maar ik dacht: dat zal er wel bijhoren, dat
is de pijn die ieder meisje de eerste keer voelt, ik ben gewoon een beetje
te gespannen. In de weken die volgden, probeerden we het nog een paar
keer. Telkens was het hetzelfde verhaal. Eén keer lukte het bijna, maar
daarna kon ik twee dagen niet zitten. Zo sukkelden we maar voort.
Natuurlijk ging ik naar de dokter. Hij dacht dat het een
schimmelinfectie was. Ik kreeg allerlei zalfjes mee. Maar die hielpen
niet. “Ik werd doorverwezen naar de gynaecoloog. Hij stelde
vast dat de huid aan de binnenkant van mijn vagina chronisch ontstoken
was. ‘Focale vulvitus’ wordt die aandoening genoemd. De enige
oplossing was een behoorlijk ingrijpende operatie waarbij de geïrriteerde
huid zou worden weggesneden. “Ik ben blij dat ik me heb laten opereren. Iedereen doet
maar of vrijen de gewoonste zaak van de wereld is… Onze samenleving is
erg op seks gericht. Waar je ook kijkt, in de bladen, op de televisie,
overal wordt er aandacht aan besteed. Over hoe fantastisch het is, welke
standjes je allemaal uit kunt proberen. Ik heb me daar de laatste jaren
behoorlijk kwaad om gemaakt. Dat gevoel kwam vooral voort uit jaloezie.
Waarom konden al die anderen wel lekker vrijen en ik niet? Waarom lukte
het mij niet? Ik wilde ook zo graag… Veel mensen denken dat vrouwen die
vaginistisch zijn, niet van seks houden, frigide zijn.
Dat is dus absoluut niet zo. Om het maar even recht voor zijn raap
te zeggen: als iemand graag wilde neuken, dan was ik het wel! Ik vond het
heel frustrerend dat mijn vriendjes niet ‘echt’ met mij konden vrijen.
Het maakte me onzeker en ik voelde me er geen échte vrouw door.” Karin vindt dat ze het met haar partners enorm heeft
getroffen. “Ze maakten er nooit een probleem van dat ze niet op de
geijkte manier met me konden vrijen en ze waren hartstikke lief en
geduldig. Nooit hebben ze me gedwongen iets tegen mijn zin te doen.
Natuurlijk vroegen ze wel eens of we toch nog een keer zouden proberen,
maar ze drongen nooit aan. Op Marco na, waren het allemaal jongens die al
veel seksuele ervaring hadden. Ze waren eraan gewend om veel te vrijen.
Opeens kon dat niet meer. En daar zaten ze totaal niet mee. Dat is een van
de weinige voordelen van vaginisme. Dat je merkt dat een jongen echt
verliefd op je is. Dat het hem niet om de seks maar om jou gaat, om je
persoonlijkheid, om wie je bent. Dat ze niet met me naar bed konden, is
voor hen nooit een reden geweest om het uit te maken. Ik was degene die en
probleem van mijn vaginisme maakte. En ik zette altijd een punt achter de
relatie. “Een ander voordeel van vaginisme is dat je er in bed
heel creatief van wordt. Als ik van vriendinnen hoor hoe het bij hen vaak
gaat, zo van ‘huppakee, klaar en slapen’, dan denk ik: dat heb ik
beter voor elkaar. Van tevoren knuffelen, strelen en kussen we
uitgebreid. Daarna bevredigen we elkaar met de hand of oraal. Nu, na de
operatie, kan mijn vagina overal aangeraakt worden, maar voor die tijd kon
het alleen aan de voorkant. We moesten voorzichtig doen en ervoor zorgen
dat we niet uitschoten, maar het lukte. Het was voor mij ook niet moeilijk
om een orgasme te krijgen. Marco zorgde en zorgt er echt voor dat ik het
heel lekker heb, en omgekeerd doe ik dat ook. Wat dat betreft is het bij
ons puurt genieten. Heb ik zeker niets te klagen gehad. Maar toch, ik
miste iets. Dolgraag wilde ik hem, wanneer ik maar wil, in me voelen,
samen één worden, letterlijk het gevoel hebben dat we bij elkaar passen.
Dat gevoel zat alleen bij mij. Marco vond het prima zo. Marco heeft
anderhalf jaar op onze ‘eerste keer’ moeten wachten. Dat vind ik heel
knap. Ik denk dat het gevoel dat hij écht in een vrouw is, heel
belangrijk is voor een man.” “Eerlijk gezegd maak ik me best druk over de toekomst.
Ik ben zo bang dat het afgelopen weekend toevallig goed ging, maar dat het
vrijen daarna niet meer zal lukken. Dat mijn huid uiteindelijk toch weer
zal ontsteken. Ik ben daar al een paar keer met Marco over begonnen. Over
hoe hij het voor zich ziet als we over een paar jaar nog niet kunnen
vrijen. Maar helaas is hij niet zo’n prater. Soms wordt hij gek van mijn
onzekerheid. Ik ben namelijk heel bang dat hij ooit vreemd zal gaan. Dat
wat hij niet bij mij kan bij een ander zal zoeken. Marco wordt dan heel
boos op me. Moet hij wéér zeggen at hij ontzettend veel van me houdt en
dat hij dat nooit zal doen. Maar hoe weet hij dat? Stel dat het na vijf jaar nog steeds
niet lukt? Dat moet er toch een andere oplossing komen. Ik ben daar
behoorlijk mee bezig en daar ook ruimdenkend in. Eerlijk gezegd vind ik
dat je een man het penetreren niet kan ontzeggen. Ik wil dat Marco
gelukkig is. En dus ben ik in gedachten al van alles aan het regelen.
Bijvoorbeeld dat ik tegen die tijd afspreek dat hij eens in de zoveel tijd
een prostituee bezoekt. Dat heb ik liever dan dat hij in de kroeg een
meisje oppikt op wie hij verliefd kan worden. Het laatste wat ik wil is
stiekem gedoe. Ik wil dat we open en eerlijk tegen elkaar zijn. Ook al zal
dat verschrikkelijk veel pijn doen.” “Misschien heeft Marco wel gelijk. Moet ik niet zo
piekeren en leven in het nu. Blij zijn met wat we afgelopen weekend hebben
bereikt. Meer vertrouwen in mezelf en mijn lichaam krijgen. En me houden
aan de afspraak met mijn gynaecoloog. De komende weken ga ik keurig verder
met de pelottentherapie. Pelotten zijn staven
in verschillende maten. Die moet ik bij mezelf inbrengen, met een
verdovend glijmiddel. Pas als dat met het grootste exemplaar lukt, ben ik
klaar om echt te vrijen. Ik zie het helemaal voor me. Romantisch, in een
slaapkamer vol kaarsjes. Pas dan is het voor mij de ‘eerste keer’. Hannie van Rijsingen is seksuoloog, relatietherapeut en
auteur van de boeken ‘Zin in vrijen… voor mannen’ en ‘Zin in
vrijen… voor vrouwen’ (uitg. Gottmer). In haar praktijk behandelt ze
vele seksuele aandoeningen waaronder vaginisme.
|